Amsterdam Centre for the Study of the Golden Age
ECARTICO
Linking cultural industries in the early modern Low Countries, ca. 1475 - ca. 1725

Otto van Veen

Name variants:Octavius Venius / Vene
Gender:male
Born:Leiden between and
Died:Brussel
Father:Cornelis van Veen sr. (1520 - 1591)
Mother:Geertruyd Simons van Neck (1530 - ?)

Marriages:

Children:

Occupation(s):

Occupational address(es):

Attributes

Category Attribute Value Date startDate end
Religion DenominationRoman Catholic0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting Allegorieallegorieën0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting Historiehistoriestukken0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting Portretportretten0000-00-00 0000-00-00

Relations

Relation Modifier Date startDate end
Artistic
courtly client of Rudolf II. (HRR)
courtly client of Wilhelm V. von Bayern
courtly client of Ernst von Bayern
Education and training
master of Nicolaes de Liemackereprobably
master of Jan van Houbraken, alias: Jean / Joannes / Giovanni van Hoebrackenprobably
master of Peter Paul Rubens, alias: Petrus Paulus Rubenscertain
pupil of Isaac Claesz. van Swanenburgh, alias: Isaac Nicolai van Swanenburghcertain
pupil of Dominicus Lampson, alias: Lampsoniuscertain

References

External biographical records

Primary sources

  1. Pinchart, Alexandre, 'La corporation des peintres de Bruxelles: I. Liste des maîtres et des apprentis de 1599 à 1794', Messager des sciences historiques ou archives des arts et de la bibliographie de Belgique(1877), pp. 289-331. <URL: https://archive.org/details/messagerdesscien1877gand>, 313 (5-11-1620) & 317 (6-11-1624).

Secondary sources

  1. De Maeyer, Marcel, Albrecht en Isabella en de schilderkunst: bijdrage tot de geschiedenis van de XVIIe eeuwse schilderkunst in de Zuidelijke Nederlanden, [Verhandelingen van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schoone Kunsten van België: Klasse der Schoone Kunsten 9], Brussel: Paleis der Academiën (1955).
  2. Groenendijk, Pieter, Beknopt biografisch lexicon van Zuid- en Noord-Nederlandse schilders, graveurs, glasschilders, tapijtwevers et cetera van ca. 1350 tot ca. 1720, Leiden: Primavera (2008).
  3. Göbel, Heinrich, Wandteppiche (3 vols.), Leipzig: Von Klinkhart & Biermann (1923-1934).
  4. Haak, B., Hollandse schilders in de gouden eeuw, Amsterdam: Meulenhoff-Landshoff (1984).
  5. Roethlisberger, Marcel G. & Bok, Marten Jan, Abraham Bloemaert and his sons, paintings and prints (2 vols.), [Aetas aurea 11], Doornspijk: Davaco (1993).
  6. Turner, Jane (ed.) The dictionary of art (34 vols.), London: Macmillan; New York: Grove (1996).
  7. Veldman, Ilja M., 'Keulen als toevluchtsoord voor Nederlandse kunstenaars (1567-1612)', Oud Holland 107 (1993), pp. 34-58.
  8. Visschers, P., Iets over Jacob Jonghelinck, metaelgieter en penningsnyder, Octavio van Veen, schilder in de XVIe eeuw; en de Gebroeders Collyns de Nole, beeldhouwers in de XVe, XVIe, en XVIIe eeuw, Antwerpen: P.E. Janssens (1853).

Metadata

Last update: