Amsterdam Centre for the Study of the Golden Age
ECARTICO
Linking cultural industries in the early modern Low Countries, ca. 1475 - ca. 1725

Samuel Dircksz van Hoogstraten

Gender:male
Born:Dordrecht
Died:Dordrecht
Father:Dirck van Hoogstraten, alias: Theodoor van Hoogstraten (ca. 1596 - 1640)
Mother:Mayke de Coninck (1598 - 1645)

Marriages:

Children:

Occupation(s):

Occupational address(es):

Attributes

Date startDate end Category Attribute Value
0000-00-00 0000-00-00Religion DenominationMennonite
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Genregenrestukken
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Genreinterieurs
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Historiehistoriestukken
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Ornamenttrompe l'oeuils
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Portretportretten
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Stillevenvisstillevens
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Stillevenbloemstillevens
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Stillevenjachtstillevens

Relations

Date startDate end Relation Modifier
Artistic
1655-00-00 1655-00-00collaborated with Nicolaes Roosendael
Education and training
0000-00-00 0000-00-00master of Jan van Hoogstraten, alias: Hans
0000-00-00 0000-00-00master of Cornelis van der Meulencertain
1659-00-00 1661-00-00master of Arent de Gelder, alias: Aert de Geldercertain
1660-00-00 1662-00-00master of Godfried Cornelisz. Schalckencertain
1675-00-00 1678-10-19master of Arnold Houbrakencertain
0000-00-00 1640-00-00pupil of Dirck van Hoogstraten, alias: Theodoor van Hoogstratencertain
1643-00-00 1646-00-00pupil of Rembrandt Harmensz. van Rijncertain
Friendship
0000-00-00 0000-00-00ward of David Henrix de Coninck, alias: Daniel n.c.

References

External biographical records

Primary sources

  1. Van Hoogstraeten, Samuel, Inleyding tot de hooge schoole der schilderkonst: anders de Zichtbaere Werelt, Rotterdam: Francois van Hoogstraeten (1678), (reprint Davaco Publishers, s.l., 1969).

Secondary sources

  1. Brusati, Celeste, Artifice and Illusion: The Art and Writing of Samuel Van Hoogstraten, Chicago & London: The University of Chicago Press (1995).
  2. Buijsen, E. (ed.) Haagse schilders in de Gouden Eeuw : het Hoogsteder Lexicon van alle schilders werkzaam in Den Haag 1600-1700, Den Haag: Kunsthandel Hoogsteder & Hoogsteder; Zwolle: Waanders (1998).
  3. Czech, Hans-Jörg, Im Geleit der Musen : Studien zu Samuel van Hoogstratens Malereitraktat Inleyding tot de hooge schoole der schilderkonst: anders de zichtbaere werelt (Rotterdam 1678), [Niederlande-Studien 27], Münster, New York & Berlin: Waxmann (2002).
  4. Groenendijk, Pieter, Beknopt biografisch lexicon van Zuid- en Noord-Nederlandse schilders, graveurs, glasschilders, tapijtwevers et cetera van ca. 1350 tot ca. 1720, Leiden: Primavera (2008).
  5. Haak, B., Hollandse schilders in de gouden eeuw, Amsterdam: Meulenhoff-Landshoff (1984).
  6. Marijnissen, Peter (ed.) De zichtbaere werelt: schilderkunst uit de Gouden Eeuw in Hollands oudste stad, Zwolle: Waanders; Dordrecht: Dordrechts Museum (1992).
  7. Molhuysen, P.C., Blok, P.J., Knappert, L. & Kossmann, F.K.H. (eds.) Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek (10 vols.), Leiden: A.W. Sijthoff (1911-1937), volume 8: 836-838.
  8. Roscam Abbing, Michiel & Thissen, Peter, De schilder en schrijver Samuel van Hoogstraten 1627-1678. Eigentijdse bronnen en oeuvre van gesigneerde schilderijen, Leiden: Primavera Pers (1993).
  9. Thieme, Ulrich & Becker, Felix, Allgemeines Lexikon der bildenden Künstler von der Antike bis zur Gegenwart, Band 17, Leipzig: Engelmann (1924).
  10. Turner, Jane (ed.) The dictionary of art (34 vols.), London: Macmillan; New York: Grove (1996).
  11. Van der Willigen, Adriaan & Meijer, Fred G., A dictionary of Dutch and Flemish still-life painters working in oils, 1525-1725, Leiden: Primavera Press (2003).
  12. Von Würzbach, Alfred, Niederländisches Künstler-Lexikon (3 vols.), Leipzig: Halm und Goldmann (1906-1911). <URL: http://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/wurzbach1906ga>.
  13. Waller, F.G., Biographisch woordenboek van Noord Nederlandsche graveurs, 's-Gravenhage: Nijhoff (1938).