Amsterdam Centre for the Study of the Golden Age
ECARTICO
Linking cultural industries in the early modern Low Countries, ca. 1475 - ca. 1725

Gerard Hoet I

Gender:male
Born:Zaltbommel
Died:Den Haag
Father:Mozes Hoet (? - ca. 1669)
Mother:

Marriages:

Children:

Occupation(s):

Occupational address(es):

Attributes

Category Attribute Value Date startDate end
Subject of painting Genregenrestukken0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting Historiehistoriestukken0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting LandschapItaliaanse landschappen0000-00-00 0000-00-00
Subject of painting Portretportretten0000-00-00 0000-00-00

Relations

Relation Modifier Date startDate end
Artistic
portrayed Johannes Commelin
Education and training
master of Gerard Hoet IIcertain
master of Hendrick Jacob Hoetcertain
master of Nicolaas van Ravesteyn IIprobably
master of Jan van Bunnick, alias: Johancertain
pupil of Mozes Hoetcertain
pupil of Warnard van Ryzen, alias: Werner of Wernherus van Rijzencertain

References

External biographical records

Primary sources

  1. Het Utrechts Archief, Utrecht: DTB-registers Utrecht (toegangsnummer 711), 99: 609 (2-5-1688).
  2. Het Utrechts Archief, Utrecht: Notarissen in de stad Utrecht (toegangsnummer 34-4), U076a002: 75 (1-3-1694 ), U151a001: 198 (27-7-1715) & U151a002: 99 (22-9-1717 ).
  3. Houbraken, Arn., De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen, waar van 'er vele met hunne beeltenissen ten tooneel verschynen, .. zynde een vervolg op het schilderboek van K. van Mander (3 vols.), Amsterdam: Arnold Houbraken (1718-1721), volume 3: 239-242.

Secondary sources

  1. Bierens de Haan, Johan Carel & Ekkart, Rudi (eds.) Gelderse Gezichten. Drie eeuwen portretkunst in Gelderland 1550-1850, Zwolle: Waanders (2002).
  2. Buijsen, E. (ed.) Haagse schilders in de Gouden Eeuw : het Hoogsteder Lexicon van alle schilders werkzaam in Den Haag 1600-1700, Den Haag: Kunsthandel Hoogsteder & Hoogsteder; Zwolle: Waanders (1998).
  3. Groenendijk, Pieter, Beknopt biografisch lexicon van Zuid- en Noord-Nederlandse schilders, graveurs, glasschilders, tapijtwevers et cetera van ca. 1350 tot ca. 1720, Leiden: Primavera (2008).
  4. Levert, Stephanie, "Étrangers, mais habitués en cette ville de Paris". Les artistes néerlandais à Paris (1550-1700) : une prosopographie, Paris: s.n. (2017), (Proefschrift Universiteit Utrecht).
  5. Meißner, Günter, Allgemeines Künstler-Lexikon: die bildenden Künstler aller Zeiten und Völker, Teil 6, München-Leipzig: Saur (1992).
  6. Muller Fzn, S., Schilders- vereenigingen te Utrecht: bescheiden uit het gemeente archief [Utrechtsche archieven I], Utrecht: Beijers (1880).
  7. Schipper, P.W., 'Bommels kleine meesters van groot talent (omstreeks 1650-1750)', Tussen de Voorn en Loevestein. Tijdschrift van de Historische Kring Bommelerwaard 32 (november 1996), pp. 3-12, (themanummer: Schilderkunst in de Bommelerwaard).
  8. Thieme, Ulrich & Becker, Felix, Allgemeines Lexikon der bildenden Künstler von der Antike bis zur Gegenwart, Band 17, Leipzig: Engelmann (1924), 224.
  9. Turner, Jane (ed.) The dictionary of art (34 vols.), London: Macmillan; New York: Grove (1996).
  10. Van der Veen, Jaap, 'De Amsterdamse kunstmarkt en de schilderijaankopen voor Peter de Grote', in: Kistemaker, Renée, Kopaneva, Natalja & Overbeek, Annemiek (eds.) Peter de Grote en Holland: culturele en wetenschappelijke betrekkingen tussen Rusland en Nederland ten tijde van tsaar Peter de Grote, Bussum: THOTH; Amsterdam: Amsterdams Historisch Museum (1996), pp. 132-139.

Metadata

Last update: