Amsterdam Centre for the Study of the Golden Age
ECARTICO
Linking cultural industries in the early modern Low Countries, ca. 1475 - ca. 1725

Jan Gerritsz. van Bronchorst

Gender:male
Born:Utrecht 1603-00-00
Died:Amsterdam buried on 1661-12-22
Father:Gerrit Jacobsz. van Bronchorst (? - 1631)
Mother:Feysken Claesdr van Doorn (1574 - 1625)

Marriages:

Children:

Occupation(s):

Occupational address(es):

Attributes

Date startDate end Category Attribute Value
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Allegorieallegorieën
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Genregenrestukken
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Historiehistoriestukken
0000-00-00 0000-00-00Subject of painting Portretportretten

Relations

Date startDate end Relation Modifier
Artistic
0000-00-00 0000-00-00collaborated with Jacob van Campen
Education and training
0000-00-00 0000-00-00master of Caesar van Everdingen, alias: Cesar / Boetius / Bovetius / Boëthius Pietersz. van Everdingencertain
0000-00-00 0000-00-00master of Jan Jansz. van Bronchorst, alias: Johannes van Bronchorstcertain
0000-00-00 0000-00-00master of Gerrit Jansz. van Bronchorst, alias: Gerardo van Bronchorstcertain
0000-00-00 0000-00-00pupil of Cornelis van Poelenburchprobably
1614-00-00 1620-00-00pupil of Jan van der Burghcertain
1620-00-00 1621-00-00pupil of Pieter Mathyscertain
1621-00-00 1622-00-00pupil of Nicolas Chamuscertain

References

External biographical records

Primary sources

  1. De Bie, Cornelis, Het gulden cabinet van de edel vrij schilder const, inhoudende den lof vande vermarste schilders, architecte, beldthowers ende plaetsnijders van deze eeuw, Antwerpen: Jan Meyssens (1661), 278.
  2. Het Utrechts Archief, Utrecht: DTB-registers Utrecht (toegangsnummer 711), 94: 189 (12-11-1626).
  3. Houbraken, Arn., De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen, waar van 'er vele met hunne beeltenissen ten tooneel verschynen, .. zynde een vervolg op het schilderboek van K. van Mander (3 vols.), Amsterdam: Arnold Houbraken (1718-1721), volume 1: 231-233.

Secondary sources

  1. Blankert, Albert, Slatkes, Leonard J. & Bok, Marten Jan, Nieuw licht op de Gouden Eeuw: Hendrick ter Brugghen en tijdgenoten, Braunschweig: Limbach (1986).
  2. Döring, Thomas, Studien zur Künstlerfamilie van Bronchorst: Jan Gerritz. (ca. 1603 - 1661), Johannes (1627 - 1656) und Gerrit van Bronchorst (ca. 1636 - 1673) in Utrecht und Amsterdam, Alfter: VDG (1993), (Diss. Univ. Bonn 1989).
  3. Groenendijk, Pieter, Beknopt biografisch lexicon van Zuid- en Noord-Nederlandse schilders, graveurs, glasschilders, tapijtwevers et cetera van ca. 1350 tot ca. 1720, Leiden: Primavera (2008).
  4. Göbel, Heinrich, Wandteppiche (3 vols.), Leipzig: Von Klinkhart & Biermann (1923-1934).
  5. Haak, B., Hollandse schilders in de gouden eeuw, Amsterdam: Meulenhoff-Landshoff (1984).
  6. Hoogewerff, G.J., 'Jan Gerritsz en Jan Jansz van Bronchorst, schilders van Utrecht', Oud-Holland 74 (1959), pp. 139-160.
  7. Levert, Stephanie, "Étrangers, mais habitués en cette ville de Paris". Les artistes néerlandais à Paris (1550-1700) : une prosopographie, Paris: s.n. (2017), (Proefschrift Universiteit Utrecht).
  8. Meißner, Günter, Allgemeines Künstler-Lexikon: die bildenden Künstler aller Zeiten und Völker, Teil 14, München-Leipzig: Saur (1996).
  9. Scheltema, P., Rembrand: Redevoering over het leven en de verdiensten van Rembrand van Rijn, met eene menigte geschiedkundige bijlagen meerendeels uit echte bronnen geput, Amsterdam: P.N. van Kampen (1853), 69.
  10. Verhoef, Denis, 'De familieboom van ‘Andryes Jacobs ons overgrootvader’ (van Cootwijck, van Doorn, van Leeuwen, van Praet). Een briefje in de papieren van Mr. Johan van Cootwijck te Utrecht', De Nederlandsche Leeuw. Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Genootschap voor Geslacht- en Wapenkunde 133 (2016), pp. 12-42, 34-36.